Op 10 november j.l. organiseerde het stadsdeel Centrum een inspraakavond n.a.v. het verschijnen van de concpet-nota "Hotelbeleid Binnenstad 2012 - 2015".

In deze nota wordt o.m. het voornemen aangekondigd om, onder voorwaarden, volwaardige horeca binnen hotels toe te staan. Reden om het stadsdeelbestuur te laten weten dat de bezwaren die wij hiertegen bij het initiatief van Droog hebben ingebracht ook bij nieuwe initiatieven overeeind blijven staan.

Hierbij het verslag van de bijeenkomst.




Stadsdeel Centrum
Amstel 1
1011 PN Amsterdam
Tel. 14020 (Eva Tanja)

NOTULEN INSPRAAKBIJEENKOMST
CONCEPT HOTELBELEID BINNENSTAD 2012 - 2015

d.d. 10 november 2011
Aanwezig:
Katja van den Hurk (voorzitter), Boudewijn Oranje (portefeuillehouder o.a. Economie, Bouwen en Wonen, Ruimtelijke Ordening), Judith Rotthier (beleidsmedewerker Economische Zaken), Wilma Greter (beleidsmedewerker Ruimtelijk Beleid), Alphons Peters (jurist Ruimtelijke Ordening) (allen stadsdeel Centrum), circa 80 bewoners, ondernemers en anderszins betrokkenen (waaronder aantal raadsleden) en Cunera Frisart (notulist).
Grijs gearceerde tekst betreft actiepunten

1. Opening en inleiding
Katja van den Hurk opent de inspraakbijeenkomst en heet de aanwezigen welkom.
Bij handopsteking blijkt de zaal voornamelijk gevuld met bewoners en daarnaast met onder andere een aantal hotelexploitanten, vastgoed/planontwikkelaars, politici en vertegenwoordiging van media.
Inleiding
Boudewijn Oranje legt uit, dat hotelbeleid gaat over dilemma’s. Enerzijds leveren hotels een belangrijke bijdrage aan de diversiteit, het toerisme en de economie in Amsterdam zijnde internationale stad, waar het aantal bezoekers elke drie jaar verdubbelt, anderzijds wil Amsterdam de unieke binnenstad graag intact houden en niet door toeristen ‘overspoeld’ laten worden.
Amsterdam is meer dan alleen de binnenstad en het is daarom wenselijk om hotels meer over de hele stad te spreiden. Daarnaast is gekeken waar in de binnenstad zelf nog ruimte is voor uitbreiding en waar dit niet meer mogelijk is, tenzij het écht iets toevoegt zoals een zéér bijzonder concept of een uitzonderlijk exclusief hotel.

2. Toelichting concept Hotelbeleid
Judith Rotthier licht het concept Hotelbeleid toe.
Kaders en uitgangspunten
- Wettelijke bevoegdheid van stadsdeel Centrum (het stadsdeel) is om bestemmingsplannen te maken en indien daar aanleiding toe is te wijzigen. Uitgangspunten voor het al dan niet meewerken aan een bestemmingsplanwijziging worden geboden door de Wet Ruimtelijke Ordening en Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).

De grote concentratie hotels in de binnenstad maakt hotelbeleid noodzakelijk. Daarnaast zorgt hotelbeleid voor transparantie (spelregels zijn voor alle betrokkenen vooraf helder) en efficiëntie (afspraken staan vast en behoeven niet bij elk nieuw initiatief opnieuw bediscussieerd te worden);
- Hotelbeleid voor het stadsdeel moet passen binnen relevant Centraal Stedelijk beleid, te weten Hotelnota, Toerismebeleid, Clusterstrategie Economic Development Board Amsterdam en Structuurvisie ‘Amsterdam 2040 economisch sterk & duurzaam’. Rode draad is spreiding van toerisme;
- Hotelbeleid geldt voor hotelinitiatieven die niet automatisch passen binnen het bestemmingsplan, alleen voor de wal en niet voor het water en niet voor grootstedelijke gebieden;
- Evaluatie van huidig Hotelbeleid 2008 – 2011 levert input voor het concept Hotelbeleid 2012 - 2015 :

Voor de grachtengordel, Nieuwmarkt/Rembrandtplein, Leidsebuurt en postcodegebied 1012 geldt een quotum. Het aantal aanvragen voor hotelinitiatieven oversteeg echter de quota.
2
Voor de Jordaan en Haarlemmerbuurt/Westelijke eilanden zijn de quota recent vergeven, ook de voorkeursgebieden zijn min of meer vol (hierbinnen zijn twee concentratiegebieden: Westeinde/Den Texbuurt en in mindere mate oostelijk deel Prins Hendrikkade), overige quotumgebieden raken ook vol, alleen Weteringbuurt/Frederiksplein biedt nog ruimte.
Al met al is het totaal van 1000 kamers bijna vergeven maar nog niet allemaal vergund. Tijdrovende processen (architectenkeuze, financiering zoeken, communicatie met de buurt et cetera) overstijgen de beleidsperiode, waardoor het definitief aantal daadwerkelijk gerealiseerde kamers pas over een paar jaar te meten is.
Huidige hotelbeleid is teveel gericht op kwantiteit (quota) en niet zozeer op kwaliteit. De systematiek van quota remt wel ontwikkeling in drukke gebieden, maar stimuleert geen ontwikkeling waar dat wel wenselijk is.
Om druk op de openbare ruimte te reguleren blijkt meer nodig.
Zogeheten vijfde beleidsregel (betreft aantal woningen dat mag worden onttrokken ten opzichte van aantal hotelkamers dat wordt gerealiseerd) blijkt niet in lijn met Regionale Huisvestingsverordening. Stadsdelen zijn niet bevoegd hierop een nadere beperking op te leggen, wat de vijfde beleidsregel wel doet, en daarom wordt deze niet in het nieuwe Hotelbeleid opgenomen.
Spreidingsbeleid
- Aangezien stadsdeel Centrum naast de nu al zeer drukke gebieden ook gebieden heeft, die veel te bieden hebben aan toeristen, maar ervaren worden als ‘ver weg’ en qua voorzieningen nog niet goed voorzien zijn, bijvoorbeeld Centrum Oost, wil het stadsdeel in die gebieden meewerken aan hotelontwikkeling (uiteraard mits voldaan wordt aan toetsingscriteria, zie verder).
- Ook langs wegen, die toeristen gemakkelijk naar omliggende stadsdelen kunnen leiden, zoals Rozengracht, Vijzelstraat en Haarlemmerplein, wil het stadsdeel hotelontwikkeling toestaan.
- Uitzonderingen daargelaten (zie verder) wil het stadsdeel in de overige buurten niet meewerken aan hotelontwikkeling, zoals de grachtengordel en binnenstad, waar functiemenging en woon-/leefmilieu al ernstig onder druk staan, en Jordaan, Haarlemmerbuurt, Weteringbuurt en westelijke eilanden, die dichtbevolkt zijn en met smalle straatjes en dito panden minder geschikt zijn voor hotelontwikkeling.

Algemene beleidscriteria voor alle hotelinitiatieven
De komst van een hotel:
- mag externe functiemenging niet verslechteren en moet interne functiemenging (in geval van grote panden) bevorderen, oftewel een mooie mix van wonen, werken, recreëren en voorzieningen en geen grote geïsoleerde blokken in een wijk;
- mag woon- en leefklimaat niet aantasten;
- moet de omgeving een aantoonbare kwaliteitsimpuls geven;
- mag geen overmatig verkeersaantrekkende werking hebben, de verkeersveiligheid niet verslechteren, druk op de openbare ruimte niet overmatig verhogen en (fiets)parkeerbehoefte moet inpandig worden opgelost;
- mag de parcellering en architectonische kwaliteit van bebouwing en perceel niet aantasten.

Uitzonderingen spreidingsbeleid
In gebieden, die het stadsdeel aangewezen heeft om niet mee te werken aan hotelontwikkeling, kan een uitzondering gemaakt worden voor:
- uitgaanspleinen Rembrandtplein, Thorbeckeplein en (omgeving) Leidseplein, waar nu en naar verwachting ook in de toekomst nauwelijks wordt gewoond. Voorwaarde is wel dat het initiatief kwalitatief hoogwaardig is, de kwaliteit van het plein verbetert en bijdraagt aan een meer divers hotelaanbod;
- tophotels, die het allerhoogste serviceniveau bieden (boven 5*, Nederlandse Hotel Classificatie) en (een complex van) grote panden met een historische monumentale uitstraling;
- unieke hotelconcepten (dus alleen ‘bijzonder’ is niet goed genoeg), die exceptioneel bijdragen aan de aantrekkelijkheid van Amsterdam als toeristische bestemming, bijdragen aan het maatschappelijke, culturele of economische klimaat van Amsterdam, aantoonbaar niet buiten stadsdeel Centrum gerealiseerd kunnen worden en waarover de hotelloods op grond van dit alles positief adviseert.

Voor postcodegebied 1012 geldt, dat afspraken uit de Strategienota Coalitieproject 1012 integraal worden overgenomen, dat verbetering van bestaande kwalitatief slechte hotels en realisatie van een
3
meer open karakter van bestaande 4/5* hotels mogelijk is, dat géén nieuwe hotels kunnen worden gerealiseerd tenzij het een uitzonderlijk uniek/vernieuwend concept betreft.
Horeca in hotels
- In alle hotels is een restaurant/bar ten behoeve van de hotelgasten toegestaan mits in bezit van Drank- en Horecavergunning;
- In hotels met bruto vloeroppervlak > 1.000m• wordt in het nieuwe beleid voorgesteld om zelfstandige horeca toe te staan mits in bezit van Drank- en Horecavergunning en exploitatievergunning. Op deze manier wordt in het hotel een kwalitatief hoogwaardig restaurant, waar ook anderen dan hotelgasten kunnen eten, mogelijk gemaakt, wat ten goede komt aan het kwaliteitsniveau van het hotel en tevens de relatie met de buurt en dus de leefbaarheid zal bevorderen. Zo wordt voorkomen, dat grote hotels geïsoleerde blokken in een wijk worden.

3. Procedure en planning
10 november 2011 Inspraakbijeenkomst
Inspraakreacties kunnen nog tot en met 1 december 2011 per e-mail worden
gestuurd naar:
Etanja@centrum.amsterdam.nl
Na 10 november 2011 Verwerking inspraakreacties, naar aanleiding daarvan eventueel aanpassingen concept Hotelbeleid
Notulen worden bij concept Hotelbeleid gevoegd
December 2011 Beleid wordt als concept Raadsvoordracht aan dagelijks Bestuur voorgelegd
Januari 2012 Commissie behandelt concept Raadsvoordracht *
Januari/februari 2012 Behandeling en vaststelling Hotelbeleid door stadsdeelraad **
Vaststelling beleidsregels door Dagelijks Bestuur
Februari 2012 Publicatie en inwerkingtreding Hotelbeleid
(datum publicatie is datum inwerkingtreding)
* Wie op de presentielijst een e-mailadres invult, ontvangt een link, waar deze notulen en datum en stukken voor de commissiebehandeling in januari 2012 te vinden zijn.
Indien verwerking meer tijd vergt dan voorzien dan zal behandeling door de Commissie in februari 2012 plaatsvinden en schuift ook behandeling/vaststelling door stadsdeelraad en publicatie/inwerkingtreding een maand op.
** Indien stadsdeelraad niet akkoord gaat met vaststelling Hotelbeleid loopt bovenstaande planning uit.

4. Vraag/inspraakreactie (V) en antwoord (A)
V Nico van de Horn (bewoner) verzoekt de kwaliteitsambitie te laten gelden voor alle hotels, is benieuwd naar de bezettingsgraad van bestaande hotels en informeert wat gedaan wordt bij voortschrijdende economische crisis c.q. instorten van de euro.
A Dhr. Oranje legt uit, dat voor het postcodegebied 1012 actiever gezocht wordt naar hotels van dusdanige kwaliteit dat sprake is van verbetering van de buurt. Voor hotels van mindere kwaliteit buiten het 1012-gebied hebben gemeente/stadsdeel, Koninklijke Horeca Nederland (KHN) en Amsterdam Toerisme & Congres Bureau (ATCB) afspraken gemaakt over ieders inzet ter verbetering. KHN controleert op criteria voor de sterren, ATCB vermeldt mindere hotels niet meer op haar website en gemeente/stadsdeel intensiveren controle vergunningen et cetera.
De bezettingsgraad is in Amsterdam zeer hoog, hoger dan in andere Europese steden.
Op voortschrijden economische crisis c.q. instorten van de euro zal de markt/branche zelf als eerste reageren.
V Kees Spaan (bewoner Keizersgracht) vindt het concept Hotelbeleid een helder verhaal.
Dhr. Spaan heeft inmiddels ook per mail gereageerd naar het stadsdeel toe.
Aan de hand van een voorbeeld (Hotel Sebastians, Keizersgracht 15) uit dhr. Spaan zijn zorg over het toestaan van zelfstandige horeca ten behoeve van de buurt. Dr. Spaan mist meetbare criteria voor het begrip ‘kwaliteit’ en meent, dat waar belangen van omwonenden en hotels strijdig
4
met elkaar zijn de belangen van omwonenden door het concept Hotelbeleid minder/onvoldoende beschermd worden. Hotels, die prima te exploiteren zijn zonder zelfstandige horecagelegenheid, zullen als dit wordt toegestaan toch horeca gaan realiseren, waarbij gevreesd moet worden voor overlast voor de buurt.
Verschillende aanwezigen geven aan deze zorg te delen.
A Handhaving van ‘al dan niet hotelgast zijn’ is in de praktijk nog niet eenvoudig.
Dhr. Oranje noemt een aantal voorbeelden van hotels met zelfstandige horeca, die niet tot overlast leidt en een verrijking voor de buurt is (bijvoorbeeld The Dylan op de Keizersgracht, The Albus in de Vijzelstraat). Verder nodigt dhr. Oranje dhr. Spaan uit om voorstellen te doen voor aanvullende criteria voor kwaliteittoetsing.
A Mw. Rotthier voegt toe, dat de procedure voor het verkrijgen van een Drank- en Horecavergunning de mogelijkheid biedt om hiertegen bezwaar te maken.
V Dhr. Meester (jurist) stelt vast, dat bestemmingsplannen nog uitgaan van een ouderwets idee: in een hotel komt men om te slapen, dat reeds lang achterhaald is. Wanneer een hotel de mogelijkheid wil bieden voor eten zonder slapen dan is daar een extra bestemming voor nodig. Dhr. Meester verzoekt om dit te veranderen.
V Jan-Joost van Hemel (bewoner) refereert aan de situatie begin 2010, toen circa 300 bewoners een raadsadres ondertekenden waarin bezwaar werd gemaakt tegen de komst van een nieuw hotel met sociëteit en horeca ten zuiden van de Nieuwmarkt: hotel Droog (Droog Design). Dit heeft geleid tot bijstellen van de plannen van Droog Design, waarmee de vrees voor overlast bij de bewoners is verdwenen.
Namens bovengenoemde 300 bewoners stelt dhr. Van Hemel een aantal bepalingen in het concept Hotelbeleid ook te laten gelden voor de zuidelijke Nieuwmarktbuurt:
- Evenals de Jordaan, waar geen nieuwe hotels worden toegestaan, is ook de zuidelijke Nieuwmarktbuurt een woonbuurt met kleine panden en smalle straten, waar uitbreiding van hotels ongewenst is, óók geen tophotels noch unieke hotelconcepten.
- Ook ongewenst in de zuidelijke Nieuwmarktbuurt is uitbreiding van (zelfstandige) horeca. Het bestemmingsplan Nieuwmarktbuurt staat geen extra horeca toe en uit het Trendrapport Amsterdamse Binnenstad blijkt, dat meer dan de helft van de bewoners evenementen en hotels en de drukte die dit met zich meebrengt in een overlast-gevoelige buurt allang niet meer als gezellig ervaart.

A Dhr. Oranje zegt het verzoek en de argumenten daarvoor goed gehoord te hebben. Er zijn echter ook voorbeelden in de stad van hotels/hotelconcepten waar niemand bezwaar tegen heeft of zal hebben (bijvoorbeeld Hotel V op de Weteringschans).
V Er is sprake van een zekere rechtsongelijkheid: waar het ene hotel zelfstandige horeca vergund krijgt (The Dylan) krijgt een ander dat niet (The Toren op de Keizersgracht) en anderzijds geldt, dat wanneer een en ander wel vergund wordt de overlastproblemen worden afgewenteld op de buurt. Dit dilemma dient (politiek) opgelost te worden.

P A U Z E

V Mieke van de Vaart (Stichting De Reden van Bantam, belangenvereniging omwonenden Amrâth Hotel) constateert, dat sinds de oprichting van de stichting in 2004 in de omgeving van de Binnen- en Buiten Bantammerstraat het aantal hotels enorm is toegenomen. Genoemde straten merken hier veel van, aangezien deze de route vormen van de hotelgasten naar de binnenstad. Mw. Van de Vaart zegt, dat het woonklimaat hieronder lijdt en dat in plaats van de gewenste functiemenging eerder sprake is van eenzijdigheid, die het wonen in de buurt steeds minder aantrekkelijk maakt. Mw. Van de Vaart verzoekt dan ook om géén hotelontwikkeling in deze buurt toe te staan en mocht aan de in het concept Hotelbeleid genoemde uitzonderingen toch worden vastgehouden dan verzoekt zij om meer/betere onderbouwing daarvan.
A Dhr. Oranje antwoordt, dat de Binnen- en Buiten Bantammerstraat openbare straten zijn en dus voor iedereen toegankelijk (ook voor toeristen).
Op de Prins Hendrikkade is de gewenste functiemenging inmiddels wel bereikt.
Bij realiseren van een hotel in een combinatie van panden in de historische bebouwing dient de vroegere structuur/parcellering gerespecteerd te worden. Ieder pand behoudt daarbij de eigen indeling met eigen voordeur et cetera.
Voor het gebied als geheel geldt een stop op de hotelontwikkeling met uitzondering van onbebouwd terrein bij
Amrâth Hotel. Het belangrijkste argument daarvoor is, dat het vanuit 5
stedenbouwkundig oogpunt positief is, dat het oude gevelbeeld min of meer hersteld wordt door de nieuwbouw. Daarnaast wordt door de individuele toegang van elk van de nieuwe panden het kleinschalige karakter van de buurt verder benadrukt. Dit alles betekent een verbetering van de stedenbouwkundige en architectonische kwaliteit.
V Wat zijn de criteria om de situatie bij het Amrâth Hotel tot uitzondering te verklaren?
A
De eigenaar van het Amrâth Hotel wil geen woningen bouwen en kan daartoe ook niet verplicht worden. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is het positief dat het gevelbeeld hersteld wordt door de nieuwbouw en dat elk pand weer een individuele toegang krijgt. In het kader van het nieuwe Hotelbeleid zal het initiatief van het Amrâth Hotel, door het dagelijks bestuur als heel redelijk bevonden, (opnieuw) worden afgewogen. Een en ander wordt voorgelegd aan de stadsdeelraad, die uiteindelijk beslist en zal nader onderbouwd worden in het hotelbeleid.
V De spreker verzoekt om uiterlijk 7 dagen voor 1 december a.s. met een onderbouwing te komen waarom het dagelijks bestuur wil meewerken aan de uitbreiding van het Amrâth Hotel zodat de omwonenden daarop nog kunnen reageren.
A Mw. Rotthier stelt vast, dat de heer Oranje de redenen om mee te werken aan uitbreiding van het Amrâth Hotel zojuist heeft gegeven maar dat de spreker het niet eens is met dit antwoord. Dhr. Oranje zegt toe in het inspraakrapport te zullen uitleggen waarom het dagelijks bestuur het initiatief van het Amrâth Hotel redelijk vindt. Het inspraakrapport zal worden meegenomen met de bestuurlijke besluitvorming van het beleid. Insprekers kunnen daar niet meer op reageren.
V Is woningonttrekking ten gunste van hoteluitbreiding op basis van de vijfde beleidsregel mogelijk in de zuidelijke Nieuwmarktbuurt?
A Met betrekking tot woningonttrekking worden de regels uit de Regionale Huisvestingsverordening gehanteerd. Sociale huurwoningen (< 142 punten) mogen geen andere bestemming krijgen. Woningen met > 142 punten mogen dat wel op voorwaarde van financiële compensatie. Deze compensatie wordt gebruikt ten gunste van woningbouw elders.
Een situatie waarbij zich op de bovenste verdieping van een hotelpand een woning bevindt, die in de praktijk niet als woning wordt gebruikt (en dus feitelijk sprake is van woningonttrekking), is zeer lastig te handhaven.
V Wanneer is een hotelconcept ‘uniek’?
A Vooraf ‘uniek’ precies beschrijven is lastig.
Alphons Peters legt uit, dat de stadsdeelraad de criteria vaststelt (zie boven bij 2. Toelichting concept Hotelbeleid, Uitzonderingen spreidingsbeleid). Op basis daarvan oordeelt het Dagelijks Bestuur of een concept uniek is en zij laat zich daarbij adviseren door de hotelloods.
V De spreker vindt dit te vrijblijvend. Ook anderen, waaronder een spreker namens Koninklijke Horeca Nederland vragen om transparantie met betrekking tot de term ‘uniek’, wat valt hier wel onder en wat niet.
A Dhr. Oranje houdt zich aanbevolen voor hulp (wellicht van KHN?) bij het nader definiëren van het begrip uniek. In de toekomst zal het stadsdeel voor ieder concept dat zij uniek acht de reden waarom (Raad-van-State-proof) moeten beargumenteren.
V Staat het concept Hotelbeleid hotelontwikkeling langs de Vijzelstraat toe?
A Ja, vanaf de Herengracht.
V Mw. Takens (bewoner Haarlemmerbuurt) verzoekt het Haarlemmerplein niet te bestempelen als locatie waar hotelontwikkeling mogelijk is. Momenteel staan daar veel sociale woningbouwblokken, die niet allemaal in goede staat verkeren. Mw. Takens vreest voor sloop op het moment dat corporaties onderhoud/renovatie niet meer kunnen bekostigen en een hotelbestemming mogelijk is gemaakt.
V Paul Gofferjé (bewoner Haarlemmerpleinbuurt) voegt toe, dat hotelontwikkeling op het Haarlemmerplein bovendien ongewenst is, omdat dit zal leiden tot nog meer autoverkeer, waar nu al dagelijks files staan voor de zeven (!) stoplichten en de norm voor ultrafijnstof in 2015 niet gehaald zal worden.
A Dat het Haarlemmerplein staat aangegeven op de kaart met locaties waar hotelontwikkeling in het kader van het spreidingsbeleid mogelijk is, geeft geen rechtstreeks recht op het realiseren van een hotel, wel een indirect recht, want indien het concept Hotelbeleid wordt vastgesteld en een voostel past binnen de criteria dan dient het stadsdeel realisatie op grond daarvan toe te staan. Gekeken is waar hotelontwikkeling ruimtelijk/planologisch zou passen. Deze locatie is een
6
overgangsgebied tussen stadsdeel Centrum en het Westerpark/stadsdeel West, waar relatief weinig hotels zijn en komt zodoende in aanmerking om eventuele hotelontwikkeling toe te staan.
Overigens trekken hotels in Amsterdam relatief weinig autoverkeer aan, omdat hun gasten zelden met de auto naar Amsterdam komen.
V Een bewoner uit de Weteringbuurt (Wetering Verbetering) stelt, dat zogeheten Short Stay eigenlijk een vorm van niet te handhaven woningonttrekking is: in het weekend vaak vol en doordeweeks meestal leeg. Zijn voorkeur gaat uit naar een bed & breakfast-beleid of na vaststelling van het hotelbeleid afschaffen van Short Stay.
A Dhr. Oranje deelt de zorgen omtrent Short Stay en meldt dat dit ook bestuurlijke aandacht heeft. Tegelijkertijd is het een feit dat een en ander moeilijk oplosbaar is.
V Een bewoner van het Spinozahof verzoekt dringend om informatie over de ontwikkelingen voor het voormalige Emma Kinderziekenhuis. Er zou geen inspraak hebben plaatsgevonden over de komst van een hotel met 60 kamers, de crèche van UK is per 1 januari jongstleden vertrokken, kantoor UvA gaat weg et cetera. Eigenaar/bewoners schijnen wel geïnformeerd te zijn, maar huurders van De Key niet. Er zou geen sprake zijn van aantasting van het woon-/werkklimaat, terwijl bewoners wel degelijk overlast (zullen) ervaren van bouwactiviteiten, lichtonttrekking, toeristenbussen et cetera.
A Voor het gebouw van het voormalig Emma Kinderziekenhuis ligt een initiatief, waarvoor momenteel de stedenbouwkundige randvoorwaarden en de monumentaliteit worden getoetst (Huidige orde 3 status staat sloop onder voorwaarden toe en hotelbeleid staat hotel op deze locatie toe)
Niets meer aan de orde zijnde bedankt mw. Van den Hurk een ieder voor zijn/haar aanwezigheid en inbreng en sluit de bijeenkomst.